Uitwerking focusdoelen kunstzinnige oriëntatie

20 april 2021

Waarom zou je in tijden van (tijd)schaarste met leerlingen werken aan kunstzinnige oriëntatie? Kun je niet juist dan beter inzetten op alleen taal en rekenen? Dit zijn hele legitieme vragen, waarop het antwoord heel erg afhangt van wat jij als leraar ziet bij de leerlingen. Wat hebben zij nu nodig? Waar krijgen zij zelfvertrouwen en energie van? Op welke manier voelen ze zich met elkaar verbonden en hebben ze plezier? Natuurlijk zijn taal en rekenen van het hoogste belang, maar juist door de disciplines beeldende vorming, dans, theater, muziek en erfgoed kan bij leerlingen meer aandacht zijn voor taal en rekenen. Hoe zit dat dan?

Keuze focusdoelen

Bij de keuze voor focusdoelen is uitgegaan van de doelen die gaan over experimenteren, onderzoeken, imiteren en verbeelden, benoemen, delen. Het belang in deze tijd is dat leerlingen samen aan de slag gaan: samen op onderzoek uitgaan naar wat een voorstelling of beeld betekent, samen door een ruimte bewegen en onderzoeken hoe je langs elkaar kunt rennen, vliegen en tegen elkaar kunt botsen. Of je verbeelden dat je (eindelijk weer) in een pretparkattractie zit. Samen in een bak met rotzooi op zoek gaan naar de juiste verbindingsmaterialen. Juist het samen klooien, experimenteren en praten over wat je ziet en doet, verbindt. Het nieuwsgierig zijn naar elkaars gedachten en ideeën, naar elkaars verschillen, daar was de afgelopen tijd weinig ruimte voor. Het mooie van experimenteren en onderzoeken is dat het niet ‘af’ hoeft te zijn. De verzameling kan het eindpunt zijn waar een aantal conclusies uit getrokken kunnen worden. Er kunnen foto’s gemaakt worden van de verzamelingen, of er kunnen weer andere verzamelingen uit ontstaan. Een verzameling op kleur, vorm of op bruikbaarheid. Een verzameling boemannen, vriendelijke buurvrouwen of onnozele minister-presidenten. Een verzameling geluiden die steeds weer uitgebreid kan worden door er nieuwe geluiden aan toe te voegen. Deze uitbreiding is dan een thuisopdracht of ‘de andere helft van de groep’-opdracht. Door deze opdrachten raken leerlingen enthousiast en krijgen ze zelfvertrouwen en energie. Die energie vloeit dan door naar de andere zaakvakken en leergebieden. En met wat lef en moed kun je kunstzinnige oriëntatie ook verbinden met reken- en taaldoelen: het bewegen stopzetten en vragen hoe de oppervlakte nu verdeeld is over de leerlingen: in procenten. Je inleven in een kamerlid: hem een ander karakter geven na de behandeling van een rijke tekst over de formatie.
Natuurlijk is het ook van belang dat leerlingen vaardig worden in de technieken van de verschillende disciplines. Maar dat heeft nu niet de voorrang, want juist dat werken met elkaar zonder dat er een goed/prima/mooi of fout/verkeerd/netjes-label aan hangt, is waardevol voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van de leerlingen. Het gaat over plezier hebben in het met elkaar iets onderzoeken of verbeelden en daar over praten: het betekenis geven aan je handelen en denkbeelden.

In de praktijk

Aan de lockdown is één voordeel voor het leergebied kunstzinnige oriëntatie: er is heel veel digitaal aanbod ontwikkeld. Regionale en stedelijke (kunst en culturele) instellingen, musea en gezelschappen hebben lessen en voorstellingen digitaal beschikbaar gesteld die vaak vrij te gebruiken zijn. Wil je met de groep een voorstelling bekijken of wil je zo’n voorstelling als huiswerk meegeven, bekijk dan de website van (jouw regionale) kunstinstelling(en) zoals dansgezelschappen, musea, theatergroepen en intermediairs. Ook zijn digitale kunstlessen vaak zo ingericht dat je ze direct kunt uitvoeren, sommige lessen zelfs zonder leraar. Deze lessen worden wel als complete les aangeboden, met oriëntatie, onderzoek, uitvoeren en evalueren. Maar daar kun je als leraar gedeelten uit ‘pikken’ die je omzet naar je eigen behoefte.
Ook kunnen onderzoeksopdrachten heel goed gekoppeld worden aan onderwerpen vanuit wereldoriëntatie of taal. Denk aan het verzamelen van klanken en bewegingen die horen bij de lente, het bewerken van archieffoto’s vanuit historische verzamelingen over de Tweede Wereldoorlog, het bespreken van kunstwerken met als thema duurzaamheid of klimaat. Bij het werken aan rijke thema’s bij lezen (zie focusdoelen Nederlands), kunnen verwerkingsopdrachten ook via beeld, klank, beweging en theater uitgevoerd worden. Artistieke uitingen zoals schilderijen en foto’s kunnen ook met elkaar ‘gelezen’ worden: wat gebeurt er en waar zie je dat aan?
Van belang is dat leerlingen niet ‘zomaar’ iets doen maar uitgedaagd worden en hun nieuwsgierigheid kunnen inzetten om zaken samen te ontdekken.

Tot slot

Op de eerste plaats is het van belang dat je jezelf bij alles wat je doet met je leerlingen twee vragen stelt: voel ik me hier goed bij en wat is de betekenis van de opdracht? Wat leren ze ervan? Of, wat is de waarde van de opdracht? In tijden van de lockdown hebben leraren heel veel nieuwe handelingen verricht en uitgeprobeerd: er gingen zaken direct goed, maar ook liep er wel eens iets niet gelijk gesmeerd. Er is snel veel veranderd en dat heeft heel veel moeite en aandacht gekost. Veel van wat er is veranderd heeft positieve kanten. Dat is voor deze tijd van belang: probeer iets uit, met de gedachte dat het niet direct helemaal goed hoeft te zijn, of dat het misschien wat anders loopt dan je verwacht. Ga op zoek naar de verbinding, het plezier en de nieuwsgierigheid in jouw groep. Kunstzinnige oriëntatie is een goede partner in deze zoektocht: verras jezelf én je leerlingen!