Zoeken - zoekresultaten
verfijn de resultaten
Bij de nieuwe kerndoelen ontwikkelen we de komende jaren leerlijnen en voorbeelden voor alle leergebieden. De leerlijnen hebben geen wettelijke status. Ze zijn vooral een waardevol instrument om de nieuwe kerndoelen te vertalen naar een schooleigen curriculum.
In het voorjaar van 2026 zijn de eerste leerlijnen voor Nederlands en rekenen en wiskunde in concept klaar. Taal- en rekencoördinatoren, vaksectievoorzitters, intern begeleiders en schoolleiders uit het po en so, de onderbouw van het vo en het vso nodigen we van harte uit om mee te denken.
Meer informatie vind je op ontwikkeling leerlijnen.
In maart 2026 vindt de consultatiefase plaats voor Nederlands, rekenen en wiskunde. We leggen de conceptleerlijnen voor aan taal- en rekencoördinatoren, vaksectievoorzitters, intern begeleiders en schoolleiders uit het po, vo en (v)so. Zij gaan in gesprek over de bruikbaarheid van de conceptleerlijnen. Daarnaast gaan ze op hun school aan de slag met een praktijkopdracht. Centraal staat de vraag: zijn de leerlijnen bruikbaar voor scholen? Op basis van de feedback scherpen we de leerlijnen indien nodig aan, zodat ze écht bruikbaar zijn in de onderwijspraktijk.
Voor de andere zeven leergebieden vindt de consultatiefase plaats in maart 2027.
Effectieve formatieve evaluatie vraagt om een andere rol van de docent - een meer coachende rol - en de leerling. Met name leerlingen zijn vaak niet gewend om eigenaar te zijn van hun eigen leerproces.
SLO biedt vakdocenten in de bovenbouw vmbo steun bij de inrichting van het schoolexamen (SE) in de vorm van handreikingen.
Taal is een kernvak in het onderwijs. Gemiddeld besteden basisscholen ruim 7,25 uur per week aan taalonderwijs. Maar aan welke inhouden van taal werk je eigenlijk?
SLO heeft voor het jonge kind (fase 1) bij ieder leergebied een inhoudskaart ontwikkeld met een overzicht van het mogelijke aanbod in de vorm van aanbodsdoelen. Deze doelen geven een richting waarin kinderen onderwerpen verkennen en ermee leren omgaan.
Jongeren van nu hebben onderling duidelijk een andere communicatiecultuur dan die op school van hen verwacht wordt. Dat betekent niet direct dat leerlingen niet gemotiveerd zijn om goed te leren spellen, formuleren en lezen. Ze moeten wel leren de waarde daarvan in te zien.