Zoeken - zoekresultaten
verfijn de resultaten
Het ministerie van OCW geeft opdracht tot het actualiseren van de examenprogramma’s en heeft de uitgangspunten en kwaliteitscriteria vastgesteld in een werkopdracht aan SLO. Vakvernieuwingscommissies van leraren, vakexperts en curriculumexperts werken aan de volgende tussenproducten:
- Karakteristiek waarin de visie op het vak en de positie van het vak in de bovenbouw van het vo staat beschreven.
- Raamwerk waarin schematisch is weergegeven welke domeinen en eventueel subdomeinen de basis vormen van het examenprogramma.
- Uitwerking selectie van concepteindtermen per vak
- Uitwerking volledige set concepteindtermen en verdeling centraal examen (CE) en schoolexamen (SE) voor vakken met een centraal examen
- Conceptexamenprogramma’s per vak en een toelichtingsdocument met verantwoording van keuzes.
De vakvernieuwingscommissie maakt tijdens het actualisatieproces gebruik van specialistische expertise. Daarvoor is een advieskring ingericht. De leden van de advieskring kijken mee op de inhoud van de tussenproducten en raadplegen hun achterban voor feedback. Na oplevering van de conceptexamenprogramma's worden de programma's met het veld beproefd en op basis van de inzichten daaruit waar nodig aangescherpt.
Hoe betrekken we het onderwijsveld bij de actualisatie?
De vakvernieuwingscommissies bestaan uit leraren, vakexperts en curriculumexperts. Zij werken samen met een advieskring, die onder andere bestaat uit vertegenwoordigers van vakverenigingen, lerarenopleidingen, de wetenschap en relevante netwerken passend bij het vak. Uiteraard worden leerlingen ook betrokken bij het actualisatieproces. SLO organiseert samen met het LAKS leerlingpanels, waarbij leerlingen reflecteren op de (tussentijdse) plannen en producten van de vakvernieuwingscommissies.
Gerdineke van Silfhout is curriculumontwikkelaar bij de afdeling voortgezet onderwijs. Ze werkt als themacoördinator toetsing en als taalexpert aan een aantal projecten rondom toetsing en taal.
De publicaties op deze pagina zijn ontwikkeld in samenwerking met groepen docenten. Dit gebeurde in opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.
In de onderbouw van het voortgezet onderwijs zijn per 1 augustus 2006, 58 globaal geformuleerde kerndoelen van kracht. Scholen hebben daarmee de ruimte gekregen om zelf inhoudelijke keuzes te maken in het onderwijsprogramma voor leerlingen.