Leerlijn woorden

6 februari 2023

Woorden zijn de bouwstenen voor woordgroepen, zinnen en teksten.

  • Hoe worden woorden gevormd? We weten intuïtief dat woorden van elkaar verschillen door de manier waarop ze zijn opgebouwd. Je hebt lange en korte woorden, woorden bestaan vaak uit meerdere stukje die je volgens vast patronen met elkaar kunt combineren. Deze patronen van woordvorming kunnen we aanduiden met verschillende begrippen. Vanaf groep 3-4 kun je spreken over verkleinwoord en enkelvoud  meervoud. Aan het eind van het po worden begrippen aangeboden als vervoeging en afleiding. En in het vo leren leerlingen over woordvorming te denken en praten met begrippen als verbuiging en neologisme.
  • Welke woordsoorten kunnen we onderscheiden om grotere taaleenheden als woordgroepen en zinnen mee te bouwen? Hierbij gaat het om specifieke aanduidingen die we kennen uit het traditionele taalkundig ontleden – woordbenoeming. Vanaf groep 3-4 krijgen leerlingen termen als werkwoord en zelfstandig naamwoord aangeboden. Aan het eind van het po komen termen als bijwoord en voegwoord aan de orde. In vo onderbouw wordt deze set van namen voor woordsoorten gecompleteerd met termen als vragend voornaamwoord en koppelwerkwoord.
Woorden
a. woordvorming b. woordsoorten
fase 1 (groep 1-2)
fase 2 (groep 3-4)
  • zelfstandig naamwoord
  • werkwoord
  • lidwoord
fase 3 (groep 5-6)
fase 4 (groep 7-8)
  • voltooide ↔ onvoltooide tijd
  • voltooid ↔ onvoltooid deelwoord
  • toekomende tijd
  • vervoeging
  • afleiding
  • uitgang werkwoord
  • trappen van vergelijking (pdf, 110 kB) (stellend, vergrotend, overtreffend)
  • persoon (1e, 2e, 3e)
  • leenwoord
fase 5 (onderbouw vo)
  • verbuiging
  • mannelijk, vrouwelijk, onzijdig (genus)
fase 6 (bovenbouw vo)