Publicaties
verfijn de resultaten
Zoeken in de index
SLO onderzoekt in een meerjarige pilot op 24 scholen hoe het conceptexamenprogramma technologie en toepassing wordt ingevoerd en geïmplementeerd. Hoe ziet het programma er in de lespraktijk uit en is het haalbaar, uitvoerbaar en toetsbaar volgens docenten en leerlingen? In dit rapport zijn de resultaten van de tweede tussenmeting in leerjaar 3 vmbo-gl/tl te lezen.
We willen als samenleving graag weten wat leerlingen in Nederland leren op school. Daarom worden al sinds 1987 periodieke peilingsonderzoeken gehouden in het primair onderwijs. De onderzoekers kijken hierbij naar de beschreven onderwijsdoelen, het onderwijsaanbod en de onderwijsopbrengsten. De uitkomsten van de peilingsonderzoeken geven een landelijk beeld van wat kinderen leren op school en ze vertellen ook hoe deze resultaten zich in de tijd ontwikkelen. Aan de basis van de peiling ligt een domeinbeschrijving voor het betreffende leergebied, in dit geval Mens en maatschappij. Dat leergebied bestaat als zodanig nog niet. Daarom loopt deze beschrijving vooruit op nog te ontwikkelen kerndoelen en volgt hij de structuur van de voorstellen van Curriculum.nu uit 2019. Verder geeft de beschrijving een stand van zake van de inhouden zoals die nu op de basisschool aan bod (zouden moeten) komen.
In het schoolvak Culturele en Kunstzinnige Vorming (CKV) staat 'kunst actief meemaken' voorop. Maar wat gebeurt er in de praktijk om dit te realiseren? Op welke manier doen leerlingen bijvoorbeeld nieuwe kunstervaringen op? Hoe maken zij bij dit vak een cultureel groeiproces door? En hoe begeleiden en bewaken hun docenten CKV dit proces? SLO heeft in opdracht van Ministerie van OCW de Monitor CKV uitgevoerd om zicht te krijgen op hoe het vernieuwde examenprogramma CKV tijdens de lessen wordt uitgevoerd en ervaren. In 2018 zijn de ervaringen van docenten onderzocht en is hen ook gevraagd naar hoe zij dachten dat hun leerlingen dit vak ervaren. In de meting van 2019 zijn de docenten opnieuw bevraagd maar komen ook de leerlingen zelf aan het woord. De resultaten van die tweede meting zijn te vinden in dit rapport.
Deze rapportage beschrijft de resulaten van een vragenlijstonderzoek onder 77 docenten over de vernieuwing van het examenprogramma maatschappijwetenschappen. Het betreft een tussenmeting in een meerjarig monitortraject naar de manier waarop het nieuwe programma in de praktijk wordt vormgegeven.
Deze rapportage beschrijft de resulaten van een vragenlijstonderzoek onder 76 docenten en 359 leerlingen over de vernieuwing van het examenprogramma maatschappijwetenschappen. Het betreft de startmeting in een meerjarig monitortraject naar de manier waarop het nieuwe programma in de praktijk wordt vormgegeven.
Onder regie van de Inspectie van het Onderwijs brengt Peil.onderwijs de kennis, vaardigheden en houding van leerlingen aan het einde van het primair onderwijs in kaart. De peilingen worden uitgevoerd op basis van een domeinbeschrijving. Daarin wordt beschreven wat de wettelijke eisen zijn voor de inhoud van het specifieke domein en hoe deze inhoudelijke eisen in de praktijk van het onderwijs vorm krijgen. Voor digitale geletterdheid zijn geen kerndoelen of wettelijk kader beschikbaar. Verwacht wordt dat er naar aanleiding van de ontwikkelingen in Curriculum.nu, doelen voor het onderwijs ontwikkeld gaan worden die wellicht uitmonden in een wettelijk kader. Gezien deze ontwikkelingen en op basis van de informatie uit Curriculum.nu die op dit moment beschikbaar is, heeft de Inspectie van het Onderwijs SLO gevraagd een domeinomschrijving te ontwikkelen die beschrijft welke (sub)domeinen van digitale geletterdheid in het peilingsonderzoek ten minste getoetst zouden moeten worden om de digitale geletterdheid van leerlingen vast te stellen.
In het schooljaar 2018/2019 zijn de vernieuwde examenprogramma's voor bedrijfseconomie, ondernemerschap en financiële zelfredzaamheid (hierna te noemen bedrijfseconomie) ingevoerd. Het nieuwe vak bedrijfseconomie (BE) vervangt het examenvak management en organisatie. In dit rapport wordt in de breedte gekeken naar de ervaringen en meningen van docenten met betrekking tot (de invoering van) dit programma, maar ook specifiek naar de voornaamste programmatische veranderingen. Deze veranderingen richtten zich op het meer centraal stellen van de belevingswereld van de leerling en het komen tot een grotere samenhang tussen de diverse domeinen van het examenprogramma.
Onder regie van de Inspectie van het Onderwijs brengt Peil.onderwijs de kennis, vaardigheden en houding van leerlingen aan het einde van het primair onderwijs in kaart. De peilingen worden periodiek uitgevoerd waardoor vergelijking van prestaties over de tijd mogelijk is. Met de uitkomsten weten we wat kinderen leren op school, hoe deze resultaten zich in de tijd ontwikkelen en hoe deze zich verhouden tot het beoogde onderwijsleerproces. Het onderzoek wordt uitgevoerd op basis van een domeinbeschrijving. Daarin wordt beschreven wat de wettelijke eisen zijn voor de inhoud van het specifieke domein en hoe deze inhoudelijke eisen in de praktijk van het onderwijs vorm krijgen. In 2020 voert de inspectie een peiling uit naar het onderwijsleerproces en de leerresultaten van het domein leesvaardigheid binnen het taalonderwijs op de basisschool en in het sbo. Deze domeinbeschrijving vormt daarvoor een basis.
SLO monitort de invoering van de nieuwe wiskunde-examenprogramma's voor havo en vwo die in het schooljaar 2015-2016 zijn ingevoerd in klas 4 van havo en vwo. Dit rapport geeft de resultaten van de eindmeting onder docenten en leerlingen betreffende het vernieuwde wiskunde B vwo. Deze eindmeting vond plaats in het voorjaar van 2018 en bestond uit een vragenlijstonderzoek onder docenten en leerlingen uit vwo 5 (tweede cohort) en vwo 6 (eerste cohort). Onderwerpen die daarin aan de orde kwamen zijn achtergrondkenmerken van docenten en leerlingen, de onderwijspraktijk (wat doen docenten) en onderwijsbaarheid, toetsbaarheid en haalbaarheid (wat vinden docenten). Daarnaast zijn in 2018 interviews afgenomen met docenten en leerlingen van vier scholen ter verdieping van het vragenlijstonderzoek.