Begrippenlijst

15 december 2020

Op deze pagina vind je de belangrijkste ERK-begrippen met een korte toelichting.

  • Het (beheersings)niveau geeft het niveau aan waarop je iets 'kunt' in een vreemde taal. A1 en A2 zijn basisniveaus. B1 en B2 zijn de niveaus van de onafhankelijke taalgebruiker: iemand die zich in het dagelijks leven in de vreemde taal kan redden zonder hulp. C1 en C2 zijn de niveaus van de gevorderde taalgebruiker: iemand die de vreemde taal vloeiend beheerst, ook als een tekst, onderwerp of situatie complex is.
  • Can do-beschrijvingen (can-do statements) zijn korte en bondige beschrijvingen van wat een taalgebruiker in de vreemde taal kan doen op een bepaald niveau. Voorbeelden van can do-beschrijvingen zijn: 'kan dromen en ambities beschrijven' (B1), of 'kan informatie begrijpen in brochures' (A2), of 'kan de belangrijkste technische termen in zijn vakgebied begrijpen en gebruiken' (B2+).
  • Communicatieve taalactiviteiten: alles WAT je in een vreemde taal doet:
    • receptief: lezen en luisteren;
    • productief: spreken en schrijven;
    • interactie: wisselwerking, op elkaar reageren in bijvoorbeeld gesprekken of een chat;
    • mediation: van een tekst, van concepten of van de communicatie.
  • Communicatieve taalcompetenties beschrijven de verschillende aspecten van je taalbeheersing in de communicatie (HOE GOED). Bijvoorbeeld hoe nauwkeurig je grammatica, je spelling, je woordenschat of je uitspraak zijn. Maar ook in welke mate je ideeën kunt ordenen en samenhang in je teksten kunt aanbrengen.
  • Communicatieve taalstrategieën zijn de acties die je onderneemt zodat het je beter lukt om te communiceren. Bijvoorbeeld iets omschrijven als je een woord niet weet, of naar de titel en afbeeldingen kijken om te raden waar een tekst over gaat.
  • Het Companion Volume is de geactualiseerde versie van het ERK met nieuwe schalen en nieuwe can do-beschrijvingen. De conceptversie is in 2018 gepubliceerd; de definitieve versie is in 2020 verschenen.
  • Europees Referentiekader (ERK), in het Engels: Common European Framework of Reference (CEFR), is een systeem dat de beheersing van een vreemde taal op verschillende niveaus beschrijft: zowel de taalactiviteiten als de competenties en de strategieën die nodig zijn om die activiteiten uit te voeren.
  • Can do-beschrijvingen heb je rondom verschillende domeinen, oftewel sectoren van het maatschappelijk leven. Het ERK onderscheidt vier domeinen: persoonlijk domein, openbaar domein, onderwijs en werk.
  • Linguïstische competentie: hoe goed je woordenschat, intonatie, taalstructuren en spelling zijn.
  • Meertalige en pluriculturele competentie: hoe je talige en culturele kennis vaardig en met een open houding gebruikt in interculturele communicatie.
  • Mediation: omvat alle activiteiten die de communicatie bevorderen en vergemakkelijken, bijvoorbeeld schakelen tussen talen, samenvatten, uitleggen, vertalen, parafraseren of bemiddelen tussen twee sprekers. Op de pagina Mediation van deze website vind je meer voorbeelden.
  • Pragmatische competentie: in hoeverre je taalgebruik flexibel, helder, gestructureerd, samenhangend, vloeiend en nauwkeurig is.
  • Een schaal is een reeks can do-beschrijvingen op volgorde van niveau van <A1 tot en met C2. Schalen zijn er voor zowel de communicatieve taalactiviteiten en taalstrategieën als voor de competenties. Je vindt algemene schalen, zoals de schaal 'Algemene luistervaardigheid' en ook schalen die inzoomen op een deelaspect, zoals 'Luisteren naar radio en geluidsopnamen' en 'Luisteren naar mededelingen en instructies'.
  • Sociolinguïstische competentie: in hoeverre je taalgebruik sociaal en cultureel passend is.
  • Tekst is in het ERK elke taaluiting, gesproken of geschreven. Alles wat gebruikers ontvangen, produceren of uitwisselen heet tekst. Tekst heeft, in andere woorden, niet alleen betrekking op leesvaardigheid.