Zoeken
verfijn de resultaten
Vakverenigingen hebben een actieve rol gehad bij de actualisatie van de kerndoelen. Zowel bij de werving en selectie van leden van de kerndoelenteams, als als lid van de advieskring van een leergebied.
Het is belangrijk dat het curriculum regelmatig onderhouden wordt. In opdracht van, en samen met het ministerie van OCW, ontwikkelt SLO een aanpak voor periodiek curriculumonderhoud, zodat het curriculum om de zoveel tijd geactualiseerd wordt en waar nodig bijgesteld volgens een vaste werkwijze. We werken o.a. aan een onderhoudskalender, manieren om kennis uit de praktijk structureel beter te benutten en we testen een loket voor curriculumsignalen.
Leraren, schoolleiders en andere betrokkenen kunnen invloed blijven uitoefenen op de inhoud van het curriculum en meedenken op het moment dat dat nodig is. Voor makers van educatieve materialen en eindtoetsen is het ook fijn om te weten welk vak wanneer aan onderhoud toe is. Dan kunnen ze daarop anticiperen. We starten met deze nieuwe manier van curriculumonderhoud vanaf het moment dat de lopende actualisatie klaar is.
Bij de nieuwe kerndoelen ontwikkelen we de komende jaren leerlijnen en voorbeelden voor alle leergebieden. De leerlijnen hebben geen wettelijke status. Ze zijn vooral een waardevol instrument om de nieuwe kerndoelen te vertalen naar een schooleigen curriculum.
In het voorjaar van 2026 zijn de eerste leerlijnen voor Nederlands en rekenen en wiskunde in concept klaar. Taal- en rekencoördinatoren, vaksectievoorzitters, intern begeleiders en schoolleiders uit het po en so, de onderbouw van het vo en het vso nodigen we van harte uit om mee te denken.
Meer informatie vind je op ontwikkeling leerlijnen.
De nieuwe kerndoelen zijn straks het uitgangspunten voor het onderwijs. Constructieve afstemming speelt hierbij een belangrijke rol: leerdoelen, onderwijsactiviteiten en toetsen moeten bewust op elkaar worden afgestemd. Daarom moeten niet alleen doelen en leermiddelen worden bijgesteld, maar moeten ook toetsen worden geactualiseerd. Hierdoor meten toetsen niet alleen eerlijk en betrouwbaar, maar ondersteunen ze ook het leerproces en sluiten ze beter aan op wat in de klas wordt aangeboden. Dat geldt voor zowel methodetoetsen als Leerling- en onderwijsvolgsysteem-toetsen.
Voor het primair onderwijs vraagt het ook om een herijking van de doorstroomtoets. Het ministerie van OCW en het College van Toetsen en Examens (CvTE) zullen daarom ook gaan onderzoeken welke aanpassingen nodig zijn voor de doorstroomtoets.
In de nieuwe kerndoelen staan bewust geen harde niveauaanduidingen. De kerndoelen zijn weliswaar concreter geworden dan de huidige kerndoelen, maar zijn nog steeds een brede basis voor het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs, zonder specifieke niveau-aanduidingen.
We stellen geen minimumniveau per sector of schoolsoort. Hiermee voorkomen we dat er onnodige drempels ontstaan of dat scholen zich uitsluitend gaan richten op een minimum. Het uitgangspunt is dat scholen een brede onderwijsopdracht hebben en werken vanuit hoge verwachtingen voor ieder kind.
De nieuwe kerndoelen zijn concreter dan de kerndoelen uit 2006, maar niet dusdanig concreet dat ze minutieus voorschrijven wat scholen exact moeten aanbieden en wat hun leerlingen moeten bereiken. Ze bieden meer richting en houvast, maar blijven tegelijkertijd ruimte bieden om zelf invulling te geven aan het onderwijs. Aangezien kerndoelen gelden voor het gehele po en de gehele onderbouw vo, moeten kerndoelen altijd worden vertaald naar kleinere eenheden die samen een leerlijn vormen. Scholen kunnen de beschreven wettelijk verplichte onderwijsinhouden nader invullen voor hun eigen onderwijscontext. Er is een grote gemeenschappelijke basis, maar ook ruimte om eigen accenten te leggen. Scholen zullen deze keuzes vast moeten leggen in hun eigen schoolcurriculum. Om scholen daarbij houvast te bieden, ontwikkelt SLO voorbeeldmatige leerlijnen.
Voorbeeld: Voor het leergebied Nederlands betekent dat bijvoorbeeld dat in de nieuwe kerndoelen vastgelegd is dat leerlingen teksten moeten schrijven met verschillende communicatieve doelen (te weten: informeren, amuseren, instrueren, overtuigen, beschouwen en/of activeren). Er is echter niet vastgelegd of het hierbij moet gaan om het schrijven van een informatieve brief of een informatief verslag: de keuze die scholen daarin maken in hun eigen curriculum is vrij. Voor het vaststellen van de beheersingsnormen geldt voor het leergebied Nederlands nu nog het Referentiekader Taal, dat wellicht in de toekomst aangepast zal worden.
Kerndoelen gelden voor leerlingen in het po en vo.
Voor leerlingen in het so die zeer moeilijk leren en/of meervoudig beperkt zijn gelden de functionele kerndoelen. Leerlingen in het so die doorstromen naar vervolgonderwijs volgen onderwijs op basis van dezelfde kerndoelen als leerlingen in het po.
Voor het sbo is er geen aparte set kerndoelen. Scholen in het sbo vallen onder de Wet op het primair onderwijs en werken in principe met dezelfde kerndoelen als het basisonderwijs. De wet biedt ruimte om hier beredeneerd van af te wijken, zodat scholen beter kunnen aansluiten bij de onderwijsbehoeften van leerlingen. In de praktijk combineren sbo-scholen de kerndoelen po met de functionele kerndoelen die passen bij de mogelijkheden en ontwikkelperspectieven van hun leerlingen.
Voor leerlingen in het vso die uitstromen naar dagbesteding of arbeidsmarkt zijn twee afzonderlijke sets functionele kerndoelen. Leerlingen in het vso die doorstromen naar vervolgonderwijs volgen dezelfde kerndoelen als leerlingen in het vo.
Voor het praktijkonderwijs is geen aparte set kerndoelen, omdat deze scholen onder de Wet op het voortgezet onderwijs vallen. Daarom volgen zij in principe de kerndoelen vo. De wet biedt de mogelijkheid hier beredeneerd van af te wijken. In de praktijk werken scholen voor praktijkonderwijs daarom met zowel de kerndoelen vo als de functionele kerndoelen, afhankelijk van het uitstroomprofiel van de leerling.
Er zijn drie typen doelen. Samen zorgen ze voor een evenwichtige balans tussen aanbod, beheersing en ervaring:
Aanbodsdoelen richten zich op de school als actor. Ze beschrijven waar een school in haar onderwijsaanbod voor moet zorgen en schetsen de randvoorwaarden die noodzakelijk zijn om de totale set kerndoelen te kunnen bereiken.
Beheersingsdoelen zijn gericht op de leerling als actor. Ze beschrijven de kennis en vaardigheden die leerlingen moeten beheersen. Het gaat om gedrag dat een leerling daadwerkelijk kan laten zien of toepassen.
Ervaringsdoelen zijn eveneens gericht op de leerling als actor, maar hebben een ander karakter. Zij beschrijven welke inspanning of betrokkenheid van leerlingen wordt verwacht met het oog op ervaringen en expressieve reacties. Het gaat om het opdoen van ervaringen die de horizon van leerlingen verbreden, hun kennis verdiepen of bijdragen aan persoonlijke inzichten en waardenontwikkeling.
Soms worden elementen van beheersing en ervaring gecombineerd in een hybride doel. In die gevallen gaat het er niet alleen om dat leerlingen iets kunnen, maar ook dat ze een ervaring opdoen die hun motivatie, reflectie of creativiteit stimuleert
Hier vind je alle aanmeldformulieren voor de klankbordgroepen voor leerlijnen.