Waarom een landelijke onderzoeksagenda? “Een curriculum is nooit af.”
Uit het adviesrapport zicht op curriculum werd vorig jaar goed duidelijk waarom signalen uit de praktijk, onderzoek en monitoring zo belangrijk zijn voor een up-to-date curriculum. Intussen werken we samen met onderzoekers, onderwijsprofessionals en vele anderen aan een landelijke onderzoeksagenda. Wat is dat precies? Waarom is die nodig? Suzan van Dieren, programmamanager periodiek curriculumonderhoud, vertelt.
“Als een curriculum moet meebewegen met de tijd, dan wil je ook weten welke beweging nodig is. Kennis over het curriculum in de praktijk is dan onmisbaar.”
Een curriculum moet stabiel zijn én kunnen meebewegen. Waarom werkt SLO aan een landelijke onderzoeksagenda?
"Een curriculum is nooit af. Dat betekent niet dat het voortdurend moet veranderen, integendeel. Scholen hebben juist behoefte aan stabiliteit. Tegelijkertijd verandert de samenleving, ontstaan er nieuwe inzichten en wordt in de praktijk zichtbaar wat wel en niet werkt. Dan ontstaat vanzelf de vraag: wat vraagt aandacht in het curriculum en wat niet? De onderzoeksagenda helpt om dit soort kennis systematisch te verzamelen en toegankelijk te maken. Ten eerste om inzicht te krijgen in hoe scholen nu aan de slag gaan met de nieuwe doelen. Zodat wij en partners gericht ondersteuning kunnen bieden. Ten tweede om een kennisbasis op te bouwen voor toekomstige actualisatie van het curriculum. Zo kunnen we gericht aandacht geven aan wat werkelijk aandacht vraagt."
Er wordt al veel onderzoek gedaan in het onderwijs. Wat voegt de onderzoeksagenda vanuit SLO daaraan toe?
"Er gebeurt al waardevol onderzoek maar er is meer nodig om een goed beeld te krijgen van hoe curriculumontwikkeling in de praktijk gaat. Losse onderzoeken beantwoorden bovendien vaak één specifieke vraag. De onderzoeksagenda gaat helpen om losse inzichten met elkaar te verbinden en brengt samenhang. Welke vragen vinden we belangrijk? Welke kennis ontbreekt nog? En hoe zorgen we dat resultaten elkaar versterken? We bouwen als het ware aan een meerjarige kennisbasis over curriculumontwikkeling op school. Niet alleen voor nu tijdens de implementatie, maar juist ook voor toekomstige keuzes bij een volgende update van het curriculum."
Voor wie is die kennis over curriculumontwikkeling bedoeld?
"Natuurlijk voor scholen zelf, zodat zij kunnen leren van inzichten uit onderzoek. En dus voor ons, voor organisaties in de curriculumketen en uiteindelijk voor beleidsmakers die besluiten nemen over het curriculum. Met oog op een volgende update én op wat nodig en/of helpend is tijdens de implementatie van de onderwijsdoelen. Daarom kijken we niet alleen naar vakinhoudelijke vragen, maar ook naar bredere thema's. Bijvoorbeeld hoe scholen de nieuwe doelen invoeren, welke ondersteuning helpt en welke randvoorwaarden van belang zijn. Op basis daarvan kunnen wij en andere partners gericht ondersteuning bieden en inspelen op de behoefte van scholen."
Waar staan jullie nu?
"De onderzoeksagenda zijn we nu aan het maken. Samen met onderzoekers, onderwijsorganisaties, vakverenigingen, beleidsmakers en anderen die betrokken zijn bij curriculumontwikkeling. Ook onderwijsprofessionals hebben een plek in onze advieskring. Samen verkennen we welke vragen de komende jaren prioriteit verdienen. Niet alles kan onderzocht worden, dus keuzes maken hoort er ook bij. Einde dit jaar verwachten we de onderzoeksagenda aan het ministerie van OCW op te leveren. Volgend jaar staat in het teken van alles inrichten zodat het uitvoeren van de agenda kan starten."
Ondertussen lopen er al onderzoeken. Hoe verhouden die zich tot de onderzoeksagenda in ontwikkeling?
"Die onderzoeken zijn eigenlijk eerste bouwstenen. Ze leveren nu al inzichten op die scholen, wijzelf en andere betrokkenen kunnen gebruiken. Tegelijkertijd helpen ze ons om te duiden welke vragen belangrijk zijn voor de toekomst. Zoals ik al zei: we moeten keuzes maken. Onderzoeken die er al zijn geven richting.”
Wat hoop je dat de onderzoeksagenda uiteindelijk oplevert?
"Dat we beter en sneller onderbouwde keuzes kunnen maken. Nu als het gaat om ondersteuning van scholen bij de implementatie. Straks bij een volgende update van de onderwijsdoelen. Is een leergebied toe aan een update? Dan ligt er naast een overzicht van binnengekomen signalen via ons loket ook een kennisbasis om vanuit te vertrekken. Dat scheelt tijd en discussie. En we zorgen er dus voor dat toekomstige keuzes over het curriculum niet alleen gebaseerd zijn op losse signalen en incidenten, maar juist ook op kennis over de ervaringen met het curriculum in de praktijk.”
De onderzoeksagenda is één van de dingen die we inrichten om het curriculum up-to-date te houden. We werken namelijk aan een van systeem periodiek curriculumonderhoud. Meer lezen.