Schriftconventies

6 april 2021

Communicatieve doelen zoals vertellen, beschrijven en beschouwen realiseren we met mondelinge teksten (bijvoorbeeld een toespraak) en schriftelijke teksten. Bij schriftelijke teksten is de kleinste bouwsteen niet een klank, maar een geschreven teken dat correspondeert met een klank. Ons schriftsysteem is fonologisch: je kunt elke uitgesproken klank weergeven met een letterteken.

Voor het omzetten van gesproken taal naar geschreven taal hebben we op drie niveaus nauwkeurige afspraken gemaakt (schriftconventies), met bijpassende begrippen.

  • Op tekstniveau krijgen leerlingen vanaf groep 3-4 te maken met termen als regel, bladzijde en kaft. Dat begrippenapparaat breiden we in groep 5-6 uit met termen als bladspiegel, witregel en kantlijn. In vo onderbouw komen daar nog begrippen bij als colofon, hyperlink en literatuurlijst.
  • Op het niveau van de spelling worden vanaf groep 1-2 termen als letter en teken aangeboden. Daar komen in groep 3-4 termen bij als hoofdletter  kleine letter en spatie. In groep 7-8 vertonen we instructies over spellingstermen als afkorting en tussenletter. In verband met spelling gebruiken we ook termen uit andere categorieën, bijvoorbeeld uit de categorie Klanken, zoals korte klank  lange klank.
  • Ten slotte zijn er nog schriftconventies vastgelegd op het niveau van de leestekens. Leerlingen in groep 3-4 maken kennis met termen als punt, komma en vraagteken. In groep 5-6 komen daar termen als dubbelepunt en aanhalingstekens bij. In groep 7-8 wordt die kennis over leestekens uitgebreid met termen als koppelteken en trema.