Werkgroep #5: Loslaten of vast blijven houden?

13 januari 2022

De NVvW en SLO hebben de knelpunten van de vakkenstructuur wiskunde in de bovenbouw van havo en vwo geïnventariseerd. In totaal werden 2.500 leerlingen, leraren, docenten van vervolgopleidingen, decanen en schoolleiders ondervraagd. De resultaten van de inventarisatie worden besproken door een werkgroep, in opdracht van het ministerie van OCW. De werkgroep gaat conclusies en adviezen formuleren. In januari 2022 zullen zij hun advies uitbrengen aan de minister voor basis- en voortgezet onderwijs. Petra Hendrikse, curriculumontwikkelaar wiskunde bij SLO, blogt over de bijeenkomsten van de werkgroep. Meer informatie? Kijk op vakkenstructuur wiskunde havo/vwo.

Door de herfstvakantie kon een deel van de werkgroep niet bij de derde bijeenkomst zijn. Wat denken zij over het tussenproduct van die bijeenkomst? En hoe denken diegenen die er wel waren er anderhalve week later over? Zijn we echt een flink eind op weg of hebben we nog een lange weg met vele hobbels te gaan?

Kent u dat? Je hebt je voorgenomen ergens afscheid van te nemen. Bijvoorbeeld omdat je ruimte wilt maken in huis voor de geboorte van een kind. Je hebt besloten dat die kast van oma dan toch eindelijk weg moet, al gaat dat met pijn in het hart. De volgende dag denk je: ‘Hoe heb ik dat toch kunnen besluiten?!’ Gelukkig staat hij nog in de schuur, toch maar weer binnen halen.

Of je hebt besloten om minder ongezond voedsel te eten om gezonder te worden. Maar ja, je hebt nu honger, en eigenlijk nauwelijks tijd. Toch maar even snel die diepvriespizza de oven in of een frietje halen bij de snackbar? In beide gevallen is er weinig twijfel over wat de beste keuze is. Er moet immers ruimte in huis komen, of actie ondernomen om gezonder te worden.

Loslaten is moeilijk

In beide gevallen geldt: iets loslaten of opgeven wat je waardeert, of wat je dierbaar is, dat is moeilijk. Ook al is er een groter doel. Nog complexer wordt het als je moet kiezen tussen twee zaken, waarvan niet direct duidelijk is wat de beste optie is. In die positie bevind ik mij nu. Vier wiskundevakken is te veel, helemaal als je kijkt naar de kleine aantallen leerlingen. Maar het zijn mooie vakken met elk zinvolle, mooie inhoud. Zeker ook die aan de randen van het spectrum. Leraren geven die vakken met zoveel passie. Maar overladenheid ligt altijd op de loer. Loslaten of vast blijven houden?

Eerder schreef ik ook al over dat dilemma: blijf je vasthouden aan je eigen ideeën over de ideale vakkenstructuur, of laat je die los om het mogelijk te maken als werkgroep tot een gezamenlijk advies te komen? Ik ben benieuwd of het ons als werkgroep lukt om blijvend los te laten. Of halen we ‘de kast van oma’ toch weer terug naar binnen? Heb ik voldoende oog voor de komst van de baby of mijn gezondheid op de lange termijn, om nu afscheid te kunnen nemen? Kortom: maken we de goede keuzes?

Voorbij de globale structuur

De scherpe lezer heeft wellicht opgemerkt dat ik nu schrijf over inhoud in plaats van over vakken. Is de werkgroep dan opgeschoven van spreken over de globale structuur, naar denken over de karakterisering van afzonderlijke wiskundevakken? Dat klopt. We zijn er nog niet helemaal over uit, die vakkenstructuur. Er staan nog een paar vraagtekens. Maar door nu te spreken over karakterisering en globale inhoud, schatten we in dat we ook die laatste paar vraagtekens kunnen doen verdwijnen. We zijn dus inderdaad al een eind op weg, daar is iedereen het over eens. En ik schuif de kast van oma nog wat heen en weer, maar ook daar kom ik wel uit.

Meer informatie? Kijk op: Knelpunten uit het onderzoek naar de vakkenstructuur wiskunde h/v