Domein F: Evolutie

28 april 2020

Biologische eenheden zijn op alle organisatieniveaus met elkaar in interactie, beïnvloed door biotische en abiotische factoren.

Daarbij is er competitie om ruimte, licht, voedsel et cetera. De kans om te overleven en nakomelingen te krijgen is het grootst voor biologische eenheden die het best passen bij de omstandigheden, die de omstandigheden kunnen aanpassen of die de beste omstandigheden kunnen opzoeken.

Evolutie laat zien hoe toeval, mutatie, recombinatie, variatie, adaptatie en selectiedruk hebben geleid tot de nu aanwezige biodiversiteit.

Doelen in dit domein​​

De kandidaat kan in een context:

  • beschrijven hoe diversiteit van leven ontstaan is;
  • beschrijven dat het bestaan van de universele code opgevat wordt als een natuurwetenschappelijk argument voor een gemeenschappelijke oorsprong en verwantschap van al het leven;
  • redeneringen hanteren waarbij de rol van adaptaties in biologische eenheden wordt uiteengezet;
  • beschrijven hoe de evolutietheorie tot stand gekomen is en argumenteren over de wisselwerking van de evolutietheorie met wetenschap, maatschappij en levensovertuiging.

Subdomeinen

Domein F kent de volgende subdomeinen die getoetst worden in het centraal examen (CE) of alleen in het schoolexamen (SE).

havo vwo
F1 Selectie (CE) F1 Selectie (CE)​
F2 Soortvorming (CE) F2 Soortvorming (CE)
​F3 Biodiversiteit (SE) ​​F3 Biodiversiteit (SE)
​F4 Ontstaan van het leven​ (SE)