Inleiding
Scholen hebben tegenwoordig meer ruimte voor een eigen invulling van hun curriculum, zeker in de onderbouw. Eén van de varianten die scholen in de onderbouw kiezen is projectonderwijs. Projectonderwijs biedt scholen mogelijkheden voor het werken aan vakoverstijgend onderwijs, kennis en vaardigheden, buitenschools leren en gedifferentieerd onderwijs. Daarnaast hopen veel scholen om leerlingen zo meer verantwoordelijk te maken voor de uitvoering van opdrachten, meer eigen inbreng te geven en hen meer te motiveren en uit te dagen. Er is echter geen eenduidige definitie van projectonderwijs en daarom kan elke school haar eigen accenten leggen. De schoolpraktijk laat dan ook zien dat projectonderwijs op elke school anders tot uitdrukking komt.
| Toelichting | Instrumenten | ||
| A | Visie en doelen |
► |
► |
| B | Inhoud en vaardigheden |
► |
► |
| C | Communicatie en organisatie |
► |
► |
| D | Projectmaterialen |
► |
► |
| E | Didactiek |
► |
► |
| F | Beoordeling |
► |
► |
| G | Draagvlak |
► |
► |
| H | Evaluatie |
► |
► |
| I | Leeromgeving |
► |
► |
Naar aanleiding van de veelgestelde vragen heeft SLO instrumenten ontwikkeld (hulpmiddelen en bronnen), die ondersteuning kunnen bieden bij het zoeken naar antwoorden op deze vragen. Voor het optimaliseren van de bruikbaarheid van deze instrumenten, hebben de scholen tijdens de netwerkbijeenkomsten feedback geleverd. Ook zijn sommige instrumenten uitgeprobeerd in de praktijk van enkele scholen. Op basis daarvan hebben scholen wederom feedback gegeven. Bij die instrumenten die in de praktijk zijn uitgeprobeerd, zijn in dit handboek schoolvoorbeelden toegevoegd. Alle verkregen feedback en adviezen m.b.t. de relevantie en bruikbaarheid, hebben bijgedragen aan het aanscherpen van de instrumenten. Het uiteindelijke resultaat is het handboek projectonderwijs zoals dat hier voor u ligt.



