Borgingsfase
In de borgingsfase worden de opbrengsten uit de evaluatie vastgelegd in plannen, handelen en roosters.

Stap 10: Het management borgt de opbrengsten uit de evaluatiefase in de goede gewoonte van de school, hetgeen zich vertaalt in plannen, handelen en roosters

  1. Het management legt in afspraken met het team vast op welke wijze de herkenbaarheid van de leergebiedoverstijgende doelen terug te zien is in het handelen van elk teamlid.
  2. Het management legt afspraken vast in het schoolplan (eventueel het jaarplan / managementovereenkomsten) en in de roosters.
  3. Alle betrokken medewerkers verwerken de gemeenschappelijke leeractiviteiten met betrekking tot de leergebiedoverstijgende kerndoelen in groepsplannen.
  4. Speciale, geïntensiveerde begeleiding met betrekking tot de leergebiedoverstijgende kerndoelen worden voor individuele leerlingen vastgelegd in een handelingsplan.

Doel en invulling borgingsfase
In de borgingsfase is het van belang dat de opbrengsten uit de evaluatiefase worden ingevoerd en verankerd in de goede gewoontes van de school. Hiertoe is het noodzakelijk dat de school vastlegt wat er met de programmering van de leergebiedoverstijgende kerndoelen wordt beoogd, wat dat vraagt van de medewerkers en hoe de school controle uitoefent op het handelen van teamleden, bijvoorbeeld door dit handelen bespreekbaar te maken in de cyclus van functionerings- en beoordelingsgesprekken of door een (team)brede nascholing te organiseren. Het besluit om de leergebiedoverstijgende kerndoelen in te voeren heeft niet alleen consequen-ties voor het handelen van de teamleden. De kaders waarbinnen dit handelen zich voltrekt moeten worden gedefinieerd en vastgesteld.

De volgende activiteiten horen bij deze fase:

  • In het schoolplan legt de school vast wat zij met de leergebiedoverstijgende kerndoelen beoogt en hoe men voornemens is deze doelen waar te maken;
  • In lessentabellen legt de school vast hoeveel uren zij in de opleiding (of bijvoorbeeld in de onderbouw) aan de leergebiedoverstijgende thema's besteedt;
  • In de lesroosters legt de school vast hoeveel uren per jaar zij aan de leergebiedover-stijgende thema's besteedt;
  • In het leerlingvolgsysteem legt de school vast op welke wijze zij de ontwikkeling van leerlingen monitort en stuurt;
  • In het protocol voor 'zorg en begeleiding' of 'onderwijsondersteuning' legt de school vast op welke wijze extra ondersteuning wordt toegewezen, uitgevoerd en verantwoord.

Alleen dan is werkelijk sprake van een nieuwe goede gewoonte van de school.